De volgende dag werden we wakker en gingen we aan het werk. Het woon-werkverkeer bestond uit het wijd openzetten van de deuren, het terras opstappen en onze laptops openklappen.
Het Agavehuis laat niet echt een scheiding tussen binnen en buiten toe. Het dringt aan op beide. We namen pauzes door in het bubbelbad te springen, een broodje te smeren of een wandeling te maken. Op een gegeven moment viel de WiFi uit. Ook daar is geen mobiele service. We konden niet bedenken wanneer we voor het laatst in zo’n situatie zaten. En het voelde verfrissend. Een kleine terugblik.
We reden naar een koffieshop en deden ons voor als locals. Je zou het een verstoring kunnen noemen. Maar dat zijn niet het soort heren die op deze reis waren. Elk klein ongemak kon in iets anders veranderen. Een kleine omweg. Een beter verhaal. Een reden om iets te zien wat we anders niet zouden zien.
Daarom moet je kieskeurig zijn met wie je reist. Je hebt jongens nodig die met de stroom mee kunnen gaan, maar die ook op tijd verschijnen voor een reservering. Ontspannen en aangespannen tegelijk. Een zeldzame combi tegenwoordig.
“Ga nooit op reis met iemand van wie je niet houdt.”
—Hemingway


