De meesten kennen cabaretier Conan O’Brien vanwege zijn carrière als presentator van een late night talkshow (of zijn ‘Simpsons’-schrift), maar hij heeft ook ervaring met optredens in scripted entertainment. Een van die ervaringen bracht hem zelfs naar Gotham City – en dan heb ik het niet over zijn optreden als de Riddler in ‘The Lego Batman Movie’.
O’Brien had een voice-over in de animatiefilm ‘Batman: The Dark Knight Returns’, gebaseerd op de fundamentele strip van Frank Miller uit 1986. De animatiefilm ‘Dark Knight Returns’, geregisseerd door Jay Olivia, werd in twee delen uitgebracht – eerst in 2012 en vervolgens in 2013 – waardoor er ademruimte ontstond om de strip bijna beat voor beat aan te passen. Het verhaal speelt zich af in een donkere toekomst waarin een gepensioneerde Bruce Wayne (Peter Weller) opnieuw Batman wordt en de confrontatie aangaat met een onrustig Gotham City. De terugkeer van Batman wekt uiteraard ook de Joker (Michael Emerson) op.
The Joker zit gevangen in Arkham Asylum en overtuigt zijn… naïef psychiater Dr. Wolper (Michael McKean), dat hij een gekwelde man is die tot actie wordt gedreven door Batmans wraakzuchtige obsessie. Dus boekt Wolper de Joker voor een late night show om zijn verhaal te vertellen. De Joker overspoelt de studio met zijn Joker Venom, en het publiek sterft allemaal van het lachen. De animatiefilm had veel plezier door een echte late night host (O’Brien) te casten als presentator van de show, David Endocrine.
“The Dark Knight Returns” is niet zomaar een superheldenstrip; het is een satire op het Amerika van de jaren tachtig. Televisie is een motief in het boek; de strip keert keer op keer terug naar pratende hoofden die de impact van Batman op Gotham bespreken. Bruce kijkt zelfs tv, verbijsterd door de talloze berichten over geweld in Gotham, wanneer de Bat weer in hem opkomt. Weet je hoe ‘Batman v. Superman’ een montage bevatte van experts die Superman bespraken? Dat is een van de vele invloeden die de film te danken heeft aan ‘Dark Knight Returns’.
In The Dark Knight Returns vermoordt de Joker Conan O’Brien
In de strip wordt het bloedbad van de Joker laat op de avond doorsneden met een reeks Batman en Robin die vechten tegen een SWAT-team; de ene rij panelen volgt de Joker, de volgende volgt Batman, herhaal. Miller kadert de Joker, Wolper, enz. In kleine panelen in de vorm van een tv-scherm, en plaatst hun dialoog niet in traditionele tekstballonnen, maar in tekstvakken boven de panelen. Deze compartimentering van de ruimte creëert een complexe pagina, maar niet een rommelige of krappe.
In plaats daarvan laat de film het ‘interview’ van de Joker volledig afspelen, omdat het in een film beter is om de spanning te laten opbouwen. Denk aan Alfred Hitchcock die zegt dat je spanning kunt creëren door een tikkende bom onder een tafel te laten zien. In deze scène is de Joker de bom. In de strip verschijnt een andere psychiater in de show met Joker en Wolper. Joker kust haar, en haar gezicht vertrekt in een rictus grijns. Dan knipt een van de “helpers” van Joker Wolper in de nek terwijl de studio wordt vergiftigd.
De film verandert deze volgorde; de Joker vraagt of hij de koffiemok van de show mag houden, en Endocrine zegt van wel. Joker breekt dan de mok, snijdt Wolper’s keel ermee door en grapt: ‘Zolang je hem maar niet mist.’ Laat de Joker Venom de studio binnenkomen. De film geeft Endocrine een uitgebreide sterfscène waarin hij probeerten slaagt er niet in zijn adem in te houden terwijl hij de dode, lachende gezichten van alle anderen in zich opneemt. O’Brien sluit zijn optreden dus af met een waanzinnige lach die de Joker zelf waardig is.
Elke keten van gebeurtenissen werkt perfect in zijn specifieke medium. De nekknap van Wolper is een voorbode van hoe de Joker zelf aan het einde van het nummer gaat, maar de dood van de koffiemok is opvallender en dynamischer, zoals animatie zou moeten zijn.
The Dark Knight Returns creëerde de moderne Joker
Frank Miller, die werd beroofd toen hij in New York City woonde, heeft ‘Dark Knight Returns’ doordrenkt met een hard-tegen-crimineel wereldbeeld dat vandaag de dag als reactionair wordt gelezen. Endocrine en Wolper vertegenwoordigen de liberale media en psychiaters die criminelen als de Joker witwassen. In een interview uit 2016 met IGNonthulde Miller dat hij en Alan Moore ooit een lang debat hadden over de Joker. Volgens Miller zag Moore de Batman en de Joker als spiegels van elkaar.
Dat zie je in ‘Batman: The Killing Joke’ van Moore en Brian Bolland, wat suggereert dat Batman en Joker allebei krankzinnige mannen zijn, verdraaid door een slechte dag. In “The Killing Joke” is de Joker een mens met een geschiedenis en gevoelens die verder gaan dan sadisme, en dus bezit hij het vermogen tot verlossing. Dit voelt in strijd met andere moderne interpretaties van de Joker, waar hij (zoals Miller hem aan IGN beschreef) een ‘satanische’ kwaad:
“(The Joker is) het vleesgeworden kwaad, en hij is zo kwaadaardig dat het alles te boven gaat wat we kunnen begrijpen. Dat is wat zo angstaanjagend aan hem is, dat hij gewoon zoveel mogelijk schade wil aanrichten.”
“The Dark Knight Returns” bevat ook een queercode voor de Joker (hij draagt nadrukkelijk lippenstift, en Emerson geeft hem een fey-stem), waardoor het concept dat Joker verliefd is op Batman populair wordt. Joker was zo wanhopig over Batmans pensionering dat hij catatonisch werd. Zodra hij een nieuwsuitzending over de terugkeer van Batman heeft gezien, wordt hij wakker met een glimlach en noemt Batman ‘schat’. (De animatiefilm verandert deze scène wijselijk in het cliffhanger-einde van “Deel 1.”)
“The Killing Joke” wordt vaak gerangschikt als het definitieve Joker-verhaal. Hoewel ik zou beweren dat later Jokers, zoals Christopher Nolan en Heath Ledger of Scott Snyderszijn meer dank verschuldigd aan ‘The Dark Knight Returns’.




